School voor speciaal basis onderwijs

Protocol echtscheiding

Protocol onderwijs met betrekking tot gescheiden ouders.

De maatschappij en daarmee ook onze school worden in toenemende mate geconfronteerd met echtscheidingen en daaruit voortvloeiende consequenties.
Dit heeft eveneens gevolgen voor de afspraken die intern en extern gelden.
Om problemen hierover te voorkomen zullen wij de volgende, algemene uitgangspunten hanteren.

1. Normaliter hebben na een scheiding (ontbinding van een huwelijk of beëindiging van een relatie) beide ouders het gezag over minderjarige kinderen.
Wanneer slechts één van de ouders het gezag heeft, moet dit aan de school worden gemeld. In een dergelijk geval is deze ouder altijd de laatst verantwoordelijke ten aanzien van dit kind. Hebben en houden beide ouders het gezamenlijk gezag, dan zijn de rechten en verplichtingen van ouders ten opzichte van hun kinderen gelijk en kan een ouder aan deze gezagssituatie geen individuele rechten ontlenen. Het is een verantwoordelijkheid van de ouders om de adressen, telefoonnummers en e-mailadressen van zowel de vader als de moeder aan de school door te geven.

2. In een conflictsituatie over de uitvoering van een omgangsregeling geldt het volgende:
 Is slechts een van de ouders belast met het gezag, dan wordt het standpunt van de gezag dragende ouder gevolgd.
 Meestal worden er, wanneer er sprake is van een feitelijke scheiding, afspraken gemaakt over een zorgregeling en is (soms in een beslissing van de rechtbank) vastgelegd bij wie de kinderen het hoofdverblijf hebben. Wanneer het hoofdverblijf door de rechtbank is vastgelegd, dan wordt dit als uitgangspunt gehanteerd.
 De school gaat ervan uit dat de inhoud van een zorgregeling, en derhalve ook een omgangsregeling, aan de school kenbaar gemaakt wordt op het moment dat deze is afgesproken of is vastgelegd in een beslissing van de rechtbank.
De school zal vervolgens dienovereenkomstig handelen.
 De ouder waar de kind(eren) het hoofdverblijf heeft (hebben) in geval van discussie, een doorslaggevende stem.
Wanneer de niet-verzorgende ouder op dat moment meent dat er recht op omgang bestaat, dan kan die ouder dit vanzelfsprekend met nadere stukken aannemelijk proberen te maken.
 Is er geen afspraak gemaakt of geen regeling vastgelegd, dan zal aansluiting gezocht worden bij het dagelijks leven van het kind.
 Verblijft het kind dagelijks bij een van de ouders, dan zal op dat moment de mening van die ouder worden gevolgd, tenzij de andere ouder een andersluidende afspraak aannemelijk kan maken.

3. Ouders hebben (ongeacht de gezagssituatie) recht op dezelfde informatie over hun minderjarige kinderen.
Deze informatieverplichting vloeit rechtstreeks voort uit de wet. Na een scheiding zal deze informatieverstrekking aan beide ouders onverminderd worden gecontinueerd, zelfs wanneer de verzorgende ouder dit niet wenst. Een uitzondering geldt voor de situatie dat een rechtbank een beslissing heeft afgegeven waarin is vastgelegd dat het recht op informatie van de andere ouder is beperkt.
Het spreekt voor zich dat informatie die niet wordt verstrekt aan de verzorgende ouder, evenmin zal worden verstrekt aan de niet verzorgende ouder.
Informatieverstrekking aan een ex-partner van een ouder en niet zijnde een ouder van het kind, is een verantwoordelijkheid van de ouder(s).
Relevante informatie kan zijn:
 Schoolgids (ook op website)
 Schoolkrant (ook op website)
 Nieuwsbrief (ook op website)
 Schoolrapporten
 Cito-toetsen
 Schoolfoto’s
 Informatie over sociaal/emotionele ontwikkelingen
 Evaluatie rapport (groep 8)
Ten aanzien van deelname aan schoolactiviteiten dienen in principe beide ouders akkoord te gaan.
Geven ouders tegenstrijdige informatie, dan heeft de school de keuze om een kind wel of niet te laten meedoen. Daarbij zal het belang van het kind voorop gesteld worden.

4. Financiën
De ouder op wiens adres een kind is ingeschreven wordt verantwoordelijk gehouden voor het betalen van alle kosten die door de school in rekening worden gebracht.
Mocht de ouders een andere afspraak wensen, dan dienen zij hierover contact op te nemen met de school.

5. Ten aanzien van de aanwezigheid van ouders op school geldt dat de school op zal treden tegen de ouders wanneer hun aanwezigheid de dagelijkse gang van zaken verstoort.

In schema samengevat:

 

  Voor wie Alle informatie Beperkte informatie
A Ouders die met elkaar zijn getrouwd; voor vader en moeder geldt: X  
B Ouders die zijn gescheiden;

Voor vader en moeder geldt:

X

N.B. geen informatie geven die mogelijk gebruikt kan worden om voordeel ten koste van de andere ouder te behalen

C Ouders die hun partnerschap hebben laten registreren X
D Ouders die niet met elkaar zijn getrouwd, maar via goedkeuring van de rechtbank het gezamenlijk gezag uitoefenen X
E Ouder die niet met het gezag is belast X artikel 1:377c* BW
F In geval van samenwonen, vader heeft kind erkend, niet ingeschreven in gezagsregister; voor vader geldt: X artikel 1:377c BW
G In geval van samenwonen, vader heeft kind erkend en ingeschreven in gezagsregister; voor vader en moeder geldt: X
H Stel heeft samengewoond, nu uit elkaar, kind is erkend, ingeschreven in gezagsregister; voor vader en moeder geldt: X

N.B. geen informatie geven die mogelijk gebruikt kan worden om voordeel ten koste van de andere ouder te behalen

I Stel heeft samengewoond, nu uit elkaar, kind is erkend, maar niet ingeschreven in het gezagsregister; voor vader geldt: X artikel 1:377c BW
J Ouders beide uit de ouderlijke macht gezet, kind is onder voogdij geplaatst; voor vader en moeder geldt: X artikel 1:377c BW
K Voogd X  

 

L** Biologische vader, die zijn kind niet heeft erkend Artikel 8 EVRM

mogelijk****

M*** Grootouders die de verzorging van het kind op zich nemen omdat de ouders spoorloos zijn Artikel 8 EVRM

mogelijk****

 

 

*) dit wetsartikel stelt verschaffing van informatie aan niet met het gezag belaste ouders verplicht.

**) L: voor de biologische vader, die zijn kind niet heeft erkend, geldt: helemaal geen informatie.

***) M: voor grootouders, die de verzorging van de kinderen op zich nemen, omdat de ouders spoorloos zijn geldt: in

principe geen informatie.

**** Er zijn situaties waarin de wettekst van artikel 1:377c BW niet geldt, maar een beroep op artikel 8 EVRM

(Europees Verdrag Rechten van de Mens) wel tot hetzelfde doel strekt. Het gaat dan om de gevallen waarin de

vader niet erkend noch het gezag heeft, maar wel feitelijk met het kind samenleeft. Ook in de situatie van de

opvoedende grootouders geldt dat. Zij kunnen hun recht op informatie over het kind baseren op artikel 8 EVRM

(Recht op eerbiediging van privé-leven, familie en gezinsleven)